Subsidie voor de aanleg en onderhoud van grachten, greppels en sloten

Aanvragen klein landschapselement Aanvragen groot landschapselement

Inhoud

Grachten, greppels en sloten zijn kleine ondiepe waterlopen. Ze worden door de mens gegraven om water te bufferen, te infiltreren en/of af te voeren. Een gracht of sloot is in regel breder dan een greppel.

Grachten, greppels en sloten kunnen hemelwater van gebouwen en verhardingen opvangen, bufferen en infiltreren. Bij grote regenbuien ontlasten ze zo het rioleringsstelsel. Het water kan vervolgens infiltreren en het grondwater aanvullen. Zo dragen ze bij aan een goede waterhuishouding.

Grachten, greppels en sloten kunnen als corridor dienen voor waterdieren om te migreren van de ene poel, plas of vijver naar de andere. De kanten van de grachten, greppels en sloten zijn bedekt met oeverplanten, waardoor ze andere vegetatie bevatten dan andere lijnvormige landschapselementen. Daarom wordt de aanleg en onderhoud van grachten, greppels en sloten gesubsidieerd.

Voorwaarden

De volgende voorwaarden, naast de algemene voorwaarden, zijn van toepassing:

  • de gracht wordt gesubsidieerd vanaf een minimale lengte van 10 meter. De gracht, greppel of sloot dient een minimale breedte en diepte van 50 centimeter hebben, gemeten vanaf de rand van de talud. De gracht, greppel of sloot heeft een maximale breedte van 200 centimeter en een maximale diepte van 100 centimeter;
  • de gracht, greppel of sloot moet zoveel mogelijk aan de rand van de perceel worden aangelegd, enkel als dit technisch niet mogelijk is mag een gracht, greppel of sloot een perceel doorkruisen;
  • een gracht, greppel of sloot wordt ononderbroken beschouwd als deze rechtstreeks aansluit, of ondergronds verbonden is met een buis. Deze buis dient een minimale diameter hebben om amfibieën en kleine zoogdieren te laten passeren. Hemelwaterafvoeren afkomstig van constructies moeten niet hieraan voldoen;
  • de gracht, greppel of sloot dient hemelwater op te vangen, te bufferen en te infiltreren. Een gracht, greppel of sloot met verharde wanden en/of bodem wordt uitgesloten van de subsidie. De hemelwaterafvoer van omliggende bebouwing (binnen de 50 meter) dient te worden aangesloten op de gracht of sloot, conform de ladder van Lansink voor hemelwater van de VLAREM. De overloop van de gracht, greppel of sloot komt preferabel uit op oppervlaktewateren: een poel, een plas, een bovengrondse buffer- en infiltratievoorziening, een vijver of een natuurlijke waterloop. Enkel als die opties technisch niet mogelijk zijn, wordt de overloop aangesloten op de hemelwaterafvoer van de openbare riolering en pas als laatste mogelijkheid de gemengde riolering. Grachten die draineren worden uitgesloten van de subsidie;
  • de gracht, greppel of sloot wordt onderhouden volgens de code van goede natuurpraktijk waterlopen. De gracht, greppel of sloot dient regelmatig geruimd te worden en het slib dient afgevoerd worden volgens de VLAREMA.
  • het water van de gracht, greppel of sloot mag niet vervuild worden door afvalwater;
  • er wordt een teeltvrije zone voorzien van minimaal 1 meter gemeten vanaf de rand van de talud van de gracht, greppel of sloot (excl. de gracht-,greppel- of slootkant) waar geen gewassen worden geteeld, waar geen grondbewerking gebeurt en waar geen pesticiden en (kunst)meststoffen worden gebruikt. De teeltvrije zone kan worden ingericht als akkerrand of berm, reen, haag, heg of houtkant of (knot)bomenrij.

Procedure

De melding en onderhoud van een bestaand landschapselement, of de aanleg en onderhoud van een nieuw landschapselement, kan worden aangevraagd door het invullen van het aanvraagformulier klein landschapselement.

Indien het landschapselement binnen een groot landschapselement valt, of onder de definitie van een groot landschapselement valt, gebruik dan het aanvraagformulier groot landschapselement.

Bij de aanvraag wordt de volgende documenten bijgevoegd:

  • beplantingsplan (schaal: minimaal 1/100) waarop duidelijk de landschapselementen, de plantsoorten, de maten, de plantafstanden,… worden aangegeven. Op basis van het beplantingsplan wordt de subsidie bepaald. Dit hoeft geen professioneel plan te zijn, een schets met als achtergrond een luchtfoto is voldoende;
  • omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen, vegetatiewijziging of wijziging van kleine landschapselementen (indien van toepassing);
  • schriftelijke toestemming van de eigenaar van het terrein waaruit blijkt dat de beheerder de landschapselementen mag aanleggen op zijn/haar eigendom (indien van toepassing). Indien u eerder een aanvraag voor hetzelfde landschapselement heeft ingediend en de toestemming heeft bijgevoegd, is dit optioneel;
  • facturen van de uitgevoerde werken of aankoop plantgoed;
  • motivatienota met de afwijking op de voorwaarden van het reglement (indien van toepassing). Aanvragers mogen een afwijking van de algemene of specifieke voorwaarden vragen, mits grondige motivatie. Deze afwijking is een gunst, geen recht, en wordt individueel beoordeeld.

Bedrag

De subsidie voor de graafwerken bedraagt 40% van de kosten, met een plafond van 1.000 euro

Voor het onderhoud bedraagt de subsidie 5 EUR per lopende meter elke 3 jaar, met een plafond van 500 euro.